prinsesmarlief.punt.nl
Laatste artikelen

Het was weer eens tijd voor een bezoekje aan het ziekenhuis. Ik mocht eerst bloed prikken. Dat moet vaker, dus ik ben inmiddels niet meer bang voor de naald. Soort van routine, zeg maar. Vrolijk ging ik in de stoel zitten, terwijl ik vrolijk babbelde met de prik-dame.

Ze begon met tikken op mijn arm, terwijl ik mijn vuist moest ballen. Ze glimlachte wat ongemakkelijk en tikte nogmaals. Ik wist al wat er komen zou. En jawel: “Ik kan ‘m niet zo goed vinden, jouw ader…” Ik dacht bij mezelf: da’s dan gek, want vorige week ben ik ook geprikt en die prik-dame had nergens problemen mee. En de dames daarvoor ook niet…” Mijn gedachtelijke conclusie was dan ook: zij kan het niet. Dit gaat me zeer doen. Maar ik zei niets. Ik knikte vriendelijk en wenste haar succes.

Maar ik had gelijk. Het prikken deed zéér.

De hele verdere dag deed mijn arm zeer. En niet zo’n klein beetje ook. Het was alsof de naald er nog steeds in zat. En omdat ik vaker moet prikken, ben ik echt niet zo kleinzerig.  Pas ´s avonds heb ik het pleistertje eraf getrokken. Het was een bloederige bende, daar, op die enorme blauwe plek. Ik knikte berustend : ja, deze dame had een slechte prikdag.

Ik mailde San over mijn prik-misère en zij mailde terug: “Heeft ze haar persoonlijke shit op jou afgereageerd?” Ik mailde terug: “Ja, zo voelde het wel.”

Ik mocht vandaag nog eens naar het ziekenhuis. Want ze hadden niet genoeg aan 8 buisjes bloed, ze wilden ook graag wat ontlasting. (Die had je niet zien aankomen, hè? Dat dit  letterlijk een poepblog zou worden…)  Opnieuw maakte ik keurig de buisjes vol en bracht ze naar het ziekenhuis. Nadat ik twee keer van het kastje naar de muur gestuurd was (met mijn behoeftige tasje – echt prettig), kwam ik eindelijk bij de balie waar ze mijn tasje wel in ontvangst wilden nemen. Vrolijk gaf ik de zuster mijn behoeftige tasje, terwijl ik mompelde: “Vers van de pers, alstublieft!”

De mevrouw hoefde niet te lachen. Ik wel – ik was bijzonder trots op mijn grap. Ik mailde Sandra, die gelukkig ook heel hard moest lachen. Wij houden nu eenmaal van poep- en plashumor. San mailde terug: “Gek dat ze niet moest lachen. Reageerde zij ook al haar persoonlijke shit op jou af??”

Ik was enthousiast: dat was het natuurlijk! Ik was de ‘persoonlijke shit-dumpplek’! Ik kon alleen maar antwoorden: “Ik zal door het ziekenhuis gaan lopen en aan iedereen gaan vragen: wie heeft er op mijn kop gepoept?”

Net als die mol - uit dat boek.


Lees meer...   (4 reacties)
Toen de poezels moesten bevallen, had ik voor een prachtig mandje gezorgd. Ik was waanzinnig trots op mijn eigen werk. Vriendje liet het allemaal goedmoedig toe en zo hadden wij twee enorme beplakte bananendozen in ons huis staan. De poezels waren er ook zeer content mee, want ze zijn veelvuldig gebruikt.
 
Gister kwam ik op het toilet en daar kreeg ik van mijn Trouwbijbel (de aftelkalender) de vraag: “Wat doe je met de geschenken?”
 
Ik dacht daar even over na en toen ik van het toilet kwam,  zei ik tegen Vriendje: “Ik moet binnenkort ook weer knutselen!”
Hij: “Hoezo?”
 
Ik legde hem uit dat ik we een doos moeten hebben voor eventuele enveloppen en dat we die wel in elkaar konden knutselen. Ik zag het al helemaal voor me.
 
Hij keek me aan en schudde zijn hoofd: “Nee hoor,” zei hij resoluut. “Die koop je maar gewoon. En als je wilt knippen en plakken, dan zorg ik wel weer voor een nestje jonge kittens. Dan maak je dan maar weer een mooie doos. Dat doen we dus niet voor de bruiloft.”
 
Grinnikend, maar ook licht teleurgesteld dat hij niet meer vertrouwen in mijn knip- en plakkunsten had, draaide ik me om: "Oh. Oké."
 
Een beetje van mezelf en een beetje van een jaargang Flow
Lees meer...   (8 reacties)
<a href="http://www.bloglovin.com/blog/2282117/?claim=s8dx4vzkgqp">Follow my blog with Bloglovin</a>
Lees meer...
Begin februari at ik op een verjaardag een stukje worst. Tot algehele hilariteit van alle aanwezigen: ik deed mezelf tijdens het kauwen namelijk zeer. Mijn moeder was de enige die doorhad dat er iets mis was: "Jouw kies zit los...", was haar niet zo prettige conclusie. Ik besloot de pijn te negeren, maar een paar weken later moest ik er toch aan geloven: de tandarts. En hoe: een gedeelte van mijn kies moest getrokken worden en ik moest daarvoor drie (!!) keer naar de tandarts. Die kies heeft me zes weken zeer gedaan. En dat was nog maar het begin...

Ik lieg. Eigenlijk deed de kies me altijd zeer. Maar de tandarts (én iedereen om mij heen!) had gezegd: "Dat komt omdat je eraan moet wennen..." Dus dat geloofde ik, braaf gansje als ik ben. En dus liep ik door. Tot de beruchte bult ontstond. Op onze ondertrouwdag. De inval-tandarts kwam tot de - vrij voor de hand liggende - conclusie: "Dat is veel te ontstoken. Daar kan ik niets mee. Je moet de komende week aan de antibiotica en dan een wortelkanaalbehandeling." Inval-tandarts vervolgde: "Ik kan je nu helpen, maar dan is jullie ondertrouw-dag helemaal verpest..."

Tranen vulden mijn ogen. "Een wortelkanaalbehandeling?" snifte ik, terwijl ik ontsteld naar Vriendje keek. Ik vond mezelf héél zielig. Vriendje knikte me nog eens liefdevol toe: hij vond het ook zielig voor mij. Maar ik kwam er niet onderuit. De hele week pillen geslikt en pijn geleden en toen de pijn eindelijk afzakte, kwam de vrijdag. De dag dat ik urenlang in een stoel moest zitten om helse pijnen te doorstaan. Tenminste, als ik zo ongeveer iedereen moest geloven.

Op vrijdag liep ik bibberend, en licht stoned door de 600 milligram ibu die ik alvast maar genomen had, de behandelkamer binnen. Ik mocht direct gaan liggen en mijn mond open doen. Gelukkig had ik dit keer mijn eigen tandarts. Zij begrijpt al mijn tandarts-angsten. Ze was snel klaar met haar onderzoek en keek me meewarig aan: "Ik vind het zo erg. Het spijt me. Ik had gehoopt dat het met de reconstructie klaar zou zijn. Ik vind het zo zonde dat een stukje worst direct alles verpest... Maar de kies moet er helemaal uit."

Ik haalde mijn schouders op en berustte in mijn lot. "Haal 'm er maar uit. Nu is wel een goed moment...," sprak ik monter. Tandarts keek me licht-verward aan: zoveel bravoure had ze nog niet gezien bij mij. Ik mocht weer gaan liggen, kreeg hier en daar wat verdoving en daar kwam de tang aan. Ik zag 'm dichterbij komen en riep: "Ho wacht!" Braaf deed Tandarts wat ik haar vroeg. "Ik wil nog even afscheid nemen," mompelde ik, terwijl ik met mijn tong langs mijn bijna-niet-meer-kies ging. "Oké, ga maar door."

Na het trekken, wilde ik de kies nog even op de foto zetten: 'voor de kijkers thuis'. Tandarts bood me aan om de kies mee naar huis te nemen, maar: "Nee, een foto is voldoende," glimlachte ik, als een boer zonder kiespijn. "Dan gooi ik de kies weg," besloot Tandarts. Ze draaide zich om naar de prullenbak, om zich met dezelfde vaart weer om te draaien: "Oh nee, wacht. Ik wil ook nog even afscheid nemen..." Begrijpend knikte ik: "Zo'n mooie kies. Ik zal nog eens een stukje worst eten op een verjaardag..."
 


10 minuten na het trekken van Kies. Zo ongelooflijk trots op mezelf.

Lees meer...   (8 reacties)
Giechelend lopen we naar het stadsdeelkantoor. Hand in hand. Ik knijp Vriendje nog even en zeg: "Wacht! Wacht!" Vlak voor de deur blijven we stilstaan. Ik kijk hem aan: "We gaan nu naar binnen als 'gewoon' verloofd stel. Straks zijn we officieel in ondertrouw. Bijna getrouwd, dus eigenlijk!" Vriendje geeft me een enorme knuffel en we lopen snel naar binnen.

Vandaag moeten er beslissingen genomen worden. Sommige stonden al vrij snel vast (gemeente waar we trouwen: Kollum) en sommige dingen waren nog reden voor goede gesprekken ('wat doen we met de achternaam?').

We worden naar binnen geroepen en trots overhandig ik alle aangevraagde documenten. Omdat we in een andere gemeente trouwen dan waar we ingeschreven staan, moesten we allebei een kopie van de geboorteakte aanvragen. Vriendje in Leeuwarden, ik in Kollum. Dan nog de kopietjes van de paspoorten van onze getuigen en die van onszelf. Al met al nog een heel pakket.

Glunderend luisteren we naar het verhaal van de ambtenaar. Maar mij kan het niet snel genoeg gaan: "We moeten vandaag toch ook zeggen hoe het zit met de achternaam?" De ambtenaar knikt en glimlacht om mijn ongeduld: "Ja, dat komt zo." Met mijn hand stevig in de zijne, wacht ik af...
 
 
En dan is daar het moment: we mogen ondertekenen. Het voelt heel speciaal, nu al. Ik voel een kriebeltje in mijn buik en ik word helemaal blij - ondanks de bult op mijn wang: daarvoor heb ik tien minuten eerder 600 bruisibu voor ingenomen -. Blij omdat ik weet dat deze man echt mijn man wordt.
 
Dan komt dé vraag: "Wat gaan jullie doen met de achternaam?" Ik weet het antwoord al. Vriendje nog niet - dat is mijn speciale verrassing voor vandaag. Ik haal diep adem en zeg: "Het wordt Marlies Postma - Sienot." Ik voel de verbazing bij Vriendje, maar bovenal voel ik blijdschap. Stralend zegt hij: "Ik voel een lijntje..."

Dolgelukkig lopen we naar buiten en springen even op en neer: "We zijn in ondertrouw! Hoera!"
 
 
Vriendje zet op Facebook: Kijk hier: mijn ondertrouwvrouw!! 
Lees meer...   (10 reacties)
Voor de meeste mensen is in ondertrouw gaan niets meer dan een formaliteit. Iets dat je 'even tussendoor' doet. Voor Vriendje en mij was het een feestdag. Of tenminste: dat zou het worden. We keken er al weken naar uit en hadden allerlei plannen gemaakt.

Woensdag 6 juni 2012 is de dag. De aftrap voor de bruiloft. We zijn al op tijd wakker, want we hebben om elf uur een afspraak in het stadsdeelkantoor. Nog voor ik opsta, voel ik het al: "Lief, kijk eens. Ik heb een bult op mijn wang!" Ik heb al een paar dagen een zeurende kiespijn. Ik bel op dinsdag de tandarts, maar ze heeft pas drie dagen later tijd voor me. Ik moet dus met de pijn blijven lopen, met als gevolg dat ik juist vandaag een énorme bult op mijn wang heb. Een bult in ontwikkeling zelfs, want hij wordt met het uur groter.

Terwijl ik steeds meer pijn krijg, bel ik de tandarts: "Nee, uw eigen tandarts heeft vrijdag pas tijd. Helaas." Ik hang op en het huilen staat me nader dan het lachen. Ik moet een afspraak maken met een spoedtandarts a E185,-. En ondertrouw gaat dan ook niet lukken, want ze kunnen alleen om elf uur. Vriendje pikt het niet en belt nog eens de assistente van onze eigen tandarts. Hij wordt boos en zegt dat de bult inmiddels enorme proporties heeft aangenomen. Hij heeft gelijk. De assistente geeft toe, we kunnen een uur later terecht. Ik bel het stadsdeelkantoor om het geval uit te leggen en te vragen of we een half uurtje later mogen komen. Dat mag.

Vlak voor we weg gaan, ga ik nog even naar het toilet. Ik zie mijn trouwbijbel, de trouwplan-aftelkalender, hangen. Ik scheur het blaadje eraf en daar staat het: "Weet je het zeker? Heb je er wel goed over nagedacht? Twijfel is logisch in deze periode." Juist vandaag. Juist met bult.

Ik loop naar Vriendje en geef hem het blaadje: "Lief, ik ben lelijk. Weet je het nog zeker?" Hij glimlacht en geeft me een voorzichtig kusje: "Echt wel. Ik vind je nog steeds prachtig. Ook mét bult."
 
 
Lees meer...   (6 reacties)
Het is 30 mei en ik ga eindelijk kijken voor een trouwjurk. Ik heb er maandenlang tegenop gezien, maar nu moet het er van komen. Want overal staat dat je uiterlijk een half jaar van tevoren jurk moet hebben. Anders, zo schrijven de bladen, ben je te laat en kan de jurk van jouw dromen niet geleverd worden. Ik ken mezelf: zoiets zou mij rustig kunnen overkomen. Mijn moeder, inmiddels stapelgek van alle paniekerige telefoontjes, heeft een dag vrij en gaat met me mee. Want: "Zonder jou ga ik dat echt niet doen, mama!"

We gaan naar Wizard's Wedding Wonderland in Harlingen. Met zo'n naam kan het bijna niet meer misgaan. Mijn hart zit inmiddels in mijn keel en ik heb buikpijn. We lopen naar binnen en komen in een walhalla van bruidsjurken terecht. Met open mond kijk ik rond: "Mam," fluister ik, "het gaat echt gebeuren nu..."


 
We mogen even rondkijken en dan is het zover: de eerste jurk gaat aan. Ik bekijk mezelf in de spiegel en denk: "Goh." Ik loop de kleedruimte uit en laat het beeld van 'Lies in Bruidsjurk' even rustig op mijn moeder inwerken. Aangezien mijn voorbereiding op deze dag bestond uit een overkill aan het kijken van Amerikaanse trouwprogramma's en ik dus hysterische taferelen verwacht, vraag ik na enkele minuten: "Huil je al?"

Mijn moeder grinnikt en schudt haar hoofd: "Nee, natuurlijk niet." Ik haal mijn schouders op: "Ik dus ook niet." Oké, jurk nummer 1 is niet dé jurk. Tijd voor jurk nummer 2. En 3. En 4. Na elke jurk stel ik mijn moeder dé vraag: "Moet je er al van huilen?"

Dan is het de beurt aan jurk nummer 5. Ik trek hem aan en bekijk mezelf in de spiegel. Ik ben verrast. Blij verrast. Ik open de gordijnen van de pasruimte en loop naar mijn moeder. Ik zie in haar ogen wat ik bij mezelf voel: "Kijk nou, mam!" zeg ik, "Ik ben een bruidje!" Mijn moeder knikt. "Moet je er al van huilen," vraag ik voor de vijfde keer.

Mijn moeder schaterlacht: "Moet ik dan huilen als ik je mooi vind?" Ik haal mijn schouders op: "Geen idee. Ze zeggen toch dat je moet huilen als je dé jurk vindt?" Dan komt de eigenaresse ons te hulp: "Dat is een fabeltje hoor. Dat hoeft heus niet altijd. Je weet het gewoon."

Het is tijd voor jurk nummer 6. Ook dit is een prachtexemplaar. Ik draai voor de spiegel en bekijk mezelf van alle kanten. "Laten we jurk nummer 5 nog eens aandoen," zegt de styliste. Ik duik de paskamer weer in en laat me opnieuw in jurk nummer 5 helpen.

En dan is het er opeens. Het Gevoel. Ik loop weer naar mijn moeder, maar met mijn hoofd in de wolken. Onderzoekend kijkt de styliste me aan en zegt glimlachend: "Je voelt je mooi, he?" Ik grijns, maar heb geen tranen. Maar dankzij de hulp van de eigenaresse maak ik me daar geen zorgen over. Ik weet het zeker: "Dit is dé jurk. Dit is mijn trouwjurk."

Zonder tranendal, maar mét jurk, lopen mijn moeder en ik naar buiten. "Zo, dat klusje hebben we even geklaard," zeg ik trots. Dan zien we een bekeuring op de auto geplakt. Mijn moeder en ik kijken elkaar aan: "Dat is om te huilen gewoon."
 
 
Lees meer...   (7 reacties)
Opeens is het er. Het besef dat hij er niet bij zal zijn.

Samen met onze ceremoniemeesters drinken we een cocktail, als kick off van de organisatieperiode. Het is 14 juni en we hebben er ongelooflijk veel zin in.


Samen nemen we het verloop van de dag door. Natuurlijk hebben onze ceremoniemeesters veel vragen en hoewel we de meeste zonder problemen kunnen beantwoorden, blijven sommige open staan.


En dan opeens is hij daar. De grote afwezige. Degene waarvan ik al heel lang weet dat hij er niet bij zal zijn. Waar ik ook al heel lang rekening mee gehouden heb.


Maar daar is hij opeens. En ik kan niet om hem heen. Hij is bij elke stap die ik zet en elk plan dat we hebben voor die dag. De grote afwezige is opeens heel erg aanwezig.


En toch mis ik hem vandaag, op Vaderdag, meer dan ooit.

Lees meer...   (9 reacties)
Mijn neefje Jurre (7) is vol van Nick en Simon. Als hij bij ons op bezoek komt om een kitten uit te zoeken, kijkt hij drie minuten naar zijn nieuwe poesje en vindt het dan genoeg geweest: "Mag dan nu Nick en Simon aan, tante Marlies?" Het zal niemand verbazen dat zijn nieuwe katje Nick zal heten.

Maar Jurre is ook vol van onze bruiloft. Hij ziet het al helemaal zitten, dat bruidsjonker zijn. Elke keer als we hem zien, heeft hij het erover. Hij heeft zelfs al uitgezocht wat hij aan wil die dag: "Ik wil een zwart pak aan, tante Marlies. Dat is namelijk heel mooi." Ik grijns en vraag hem waarom juist een zwart pak. "Nou, net zo één als Nick heeft." Ik knik begrijpend: "Van Nick en Simon, bedoel je?" Jurre glundert.
 
Hoewel ik een groot voorstander ben van eigen inbreng, probeer ik Jurre wat kleur betreft nog een klein beetje bij te sturen. Hij hoort me vriendelijk aan en loopt dan weg om te spelen.

Maar dat hij er wel over nagedacht heeft, blijkt een week later. Hij trekt me mijn mouw en zegt: "Tante Marlies, ik weet al welke kleur mijn pak moet hebben." Ik buig naar hem toe: "Welke kleur dan?" Trots zegt hij: "Grijs! Want dat had Simon ook aan in The Voice of Holland."
 

 
Lees meer...   (2 reacties)
De Sahara-tocht voerde ons langs prachtige plekken. Zo konden we Tunesië zien op een manier dat vanaf ons ligbed op het strand niet had gekund. Ik ging tenslotte De Wereld bekijken!
 
We kwamen aan in Matmata. Deze plaats bevindt zich middenin een soort maanlandschap en hier wonen de Bedoeïenen. Gids Mo noemde ze - voor mijn gevoel oneerbiedig - holbewoners. Maar het bleek écht zo te zijn. Deze mensen wonen gewoon in grotten! Leuk om te weten: bij deze grotwoningen in Matamata zijn de originele Star Wars films opgenomen.

Na een lekkere nomaden-lunch, gingen we op bezoek bij Fatima. Zij woont met haar zus en neef in een grot en heeft deze opengesteld voor publiek. Zo konden wij uitgebreid bekijken hoe zij wonen. Ik vond het indrukwekkend en dwaalde door de verschillende ruimten van hun 'huis'.

Opeens werd ik beetgepakt door Fatima. Ik moest meekomen. Bang dat ik weer op een kameel zou worden gezet, riep ik paniekerig: "Lief! Lief! Help!" Fatima was ongeveer half zo groot als ik, maar veel sterker. Ze duwde me een ruimte in en Vriendje probeerde achter mij aan te komen. Maar Fatima sloeg resoluut de deur dicht in zijn gezicht. Hij kon me niet meer redden.

Ik berustte in mijn lot en keek vragend naar Fatima. "Come, come," sprak Fatima, terwijl ze me meenam naar een kledingrek. Ze pakte daar allemaal doeken af en begon deze om mij heen te draperen. Vervolgens kreeg ik ook nog een sluier op mijn hoofd. "Klaar," knikte Fatima. Ik mocht naar buiten gaan.
 

 
Toen ik buiten kwam, viel het even stil. "Ooooh," riep Mo, "we hebben een bruidje in ons midden!" Opeens realiseerde ik mij dat ze mij had uitgekozen als Bedoeïenen-bruid. "Dat is toevallig! Ik ga ook trouwen dit jaar!" riep ik uit. "Ik moet m'n moeder bellen, want nu heb ik al een trouwjurk uitgezocht! Wat zal ze balen dat ze er niet bij was!"

Voor het eerst voelde ik me een bruid. Bijna dan...
 
 
Lees meer...   (2 reacties)
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl